Werkgelegenheid voor vluchtelingen in Jordanië

Weblogbericht | 10-02-2017

Geschreven door Linda van der Horst.

Eind januari reisde ik naar Jordanië waar de Internationale Arbeidsorganisatie, de ILO, bezig is om 200.000 Syrische vluchtelingen (1 op de 3 Syrische vluchtelingen in het land) aan een werkvergunning en een baan te helpen. En niet zomaar een baan – een baan met fatsoenlijke arbeidsomstandigheden zonder uitbuiting of gedwongen arbeid.

Landbouw coöperatie waar Syrische vluchtelingen werken tussen de perzikbomen

Maha is een soort van superheld in Jordanië. “Ik ben het dan niet altijd met haar eens, Maha doet goede dingen en heeft heel veel passie,” zegt de manager van een landbouwcoöperatie in het noorden van Jordanië. Maha, oorspronkelijk uit Aleppo in Syrië, vluchtte naar Jordanië vanwege de oorlog. In Jordanië leidt zij het “Syrian Refugee Response Plan” op het gebied van werkgelegenheid voor de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) in Jordanië. Zij zit aan tafel met de Jordaanse overheid, werkgevers van fabrieken en landbouwbedrijven, VN-instellingen en Syrische vluchtelingen om 200.000 Syrische vluchtelingen een werkvergunning en “fatsoenlijk” werk te verschaffen. Dat is gezien de gevoeligheid van dat onderwerp en de fragiliteit van deze regio absoluut geen gemakkelijke opgave.                                                 

In Jordanië zitten meer dan 600.000 Syrische vluchtelingen op een lokale bevolking van 7 miljoen. Daar komen nog een groot aantal arbeidsmigranten en vluchtelingen uit andere delen van de regio bij. Hier komt nog bij dat Jordanië kampt met hoge werkeloosheidscijfers, met name onder jongeren. Toch heeft de Jordaanse overheid in 2016 afgesproken dat zij 200.000 vluchtelingen een werkvergunning zullen verschaffen, in ruil voor een vrijhandelsverdrag met de EU. Rationale: door het vrijhandelsverdrag zou de Jordaanse economie zo sterk moeten groeien dat er banen worden gecreëerd voor zowel Jordaniërs als Syrische vluchtelingen.

De ILO heeft een grote rol gespeeld in de totstandkoming van dit compact – met name door arbeidsmarktanalyses en beleidsadvies aan de Jordaanse overheid. Nu het compact is getekend assisteert de ILO met de uitvoering. Doordat de ILO een extra vrijwillige bijdrage krijgt van een kleine groep donoren (waarvan NL grootste bijdrage levert), die niet geoormerkt is, konden zij als een van de weinige niet-humanitaire actoren snel in deze Syrische vluchtelingencrisis inspringen.

De ILO begeeft zich hiermee op voor hen nog onbekend terrein. De ILO is altijd gericht geweest op internationale afspraken over arbeidsstandaarden, arbeidsrechten en de sociale dialoog tussen werkgevers, overheden en werknemers. Op het gebied van vluchtelingen staat de ervaring van de ILO nog in de kinderschoenen. Overheden adviseren om vluchtelingen te erkennen, ze uit de informele economie halen door het verschaffen van werkvergunningen, en hiermee rechten toekennen aan deze vluchtelingen is complex. Essentieel is hierbij dat de ILO-projecten zich richten op vluchtelingen, maar tegelijkertijd ook op het verlagen van de werkeloosheid in de gastgemeenschappen (voornamelijk Jordaniërs in de noordelijke regio’s).

Hoe haalbaar is het om 200.000 Syrische vluchtelingen aan “fatsoenlijk” werk te helpen? Wij bezochten een aantal van deze ILO-projecten, zoals een landbouw coöperatief, een textielfabriek en een afstudeerceremonie waar bouwvakkers werden gecertificeerd om in bepaalde beroepen in de bouw te gaan werken. Slechts enkele maanden nadat het verdrag is afgesloten, en waarbij de projecten nog in de kinderschoenen staan, werd duidelijk dat er nog vele obstakels zijn die overkomen moeten worden. Een aantal factoren die meespelen:

1. De Syrische vluchtelingen zitten voornamelijk in de armere regio’s in het noorden van Jordanië, tegen de grens met Syrië. Hier waren al weinig banen voor de Syriërs kwamen. De vluchtelingen die nu werkvergunningen kunnen krijgen zullen extra druk uitoefenen op de arbeidsmarkt. De projecten die de ILO hier uitvoert zijn dus gericht op werkgelegenheid voor Syrische vluchtelingen en ook Jordaniërs.

2. De vrijhandelszones met de fabrieken liggen niet in het noorden waar veel vluchtelingen zitten. Op sommige plekken worden “satellietfabrieken” (gelinkt aan vrijhandelszone fabrieken) opgezet dichter bij de noordelijke regio’s, maar deze fabrieken lijken eigenlijk op de lang termijn niet heel winstgevend te zijn.

3. Syriërs kunnen slechts in enkele sectoren werken, de banen die voor Jordaniërs vaak onaantrekkelijk zijn doordat het zwaar werk is met lange uren, bijvoorbeeld in een textielfabriek of in de landbouw. Veel van de Syrische vluchtelingen zijn vrouwen met kinderen, die kunnen niet zo lang van huis zijn en kinderen thuislaten (met als gevolg dat zij kinderen soms meenemen om ook te laten werken i.p.v. naar school te laten gaan). Syrische hoogopgeleide vluchtelingen, zoals doctoren en ingenieurs, kunnen nog steeds niet in hun eigen beroep aan de slag.

4. De economie moet gaan groeien om de beoogde banen te kunnen creëren. Dit is de meest belangrijke doelstelling en zal een grote uitdaging zijn. Jordanië was altijd afhankelijk van afzetmarkten in de regio, maar deze afzetmarkten zijn door omringende conflicten in Irak en Syrië verdwenen. De Europese afzetmarkt heeft potentie, maar is de Jordaanse economie in staat om producten te exporteren die aan de hoge Europese standaarden voldoen en waar ook behoefte aan is?

Ondanks deze uitdagingen is men in Jordanië hoopvol. Met het Jordanië Compact is geprobeerd op een geïntegreerde en holistische manier oplossingen te vinden voor de vluchtelingencrisis en de fragiliteit van de regio door het versterken van de lokale arbeidsmarkt. Opvang van vluchtelingen gaat verder dan het slechts voorzien in eerste levensbehoeften, op den duur moeten zij weer perspectief krijgen: naar werk of school kunnen gaan en een toekomst opbouwen. De ILO heeft veel lof ontvangen over hun rol in het Jordanië Compact, als een van de eerste niet-humanitaire actoren die snel hebben kunnen inspringen. Dat was niet mogelijk geweest zonder de niet-geoormerkte bijdragen van grote donoren zoals Nederland.

 

Blijf op de hoogte:

  1. Weblogberichten ontvangen via rss

Reacties: