In darfur

Weblogbericht | 02-09-2015

Geschreven door Pieter Smidt van Gelder.

Boven het lawaai van de helikopter uit probeert Zia van CARE mij wat te zeggen. Wij zijn aan het opstijgen, en het geklapwiek overvleugelt alle menselijke geluiden.

Hij steekt zijn hand op, en we zien Oost-Darfur onder ons kleiner worden. We zijn onderweg naar Nyala, de grootste stad van Darfur en de tweede stad van Sudan. In deze regentijd is het land opvallend groen en is het een paar graden kouder dan in Khartoum – slechts 45 graden.

Op het vliegveld neemt een overheidsvertegenwoordiger ons apart voor een ceremonieel praatje. Een nog officiëler gedeelte volgt later: we mogen ons melden bij de plaatsvervangend wali. Deze gouverneurs zijn in het federale Sudan invloedrijke figuren. Hij geeft mij aan verheugd te zijn met het bezoek van de Nederlandse ambassade. Ik antwoord met een paar beleefdheden, en vraag hem vervolgens hoe het nu gaat in Darfur. Volgens hem is de situatie nu grotendeels onder controle; het is veilig(er), vluchtelingen beginnen terug te gaan naar huis en de overheid werkt nu aan vrede, ontwikkeling en eenheid. Andere mensen die ik later spreek zullen deze visie niet delen.

We vervolgen onze weg, ditmaal over land, naar Kass. Zomaar alleen met de auto kunnen we niet gaan, daarvoor is het te gevaarlijk. VN-vredesmissie UNAMID begeleidt ons, de Nigerijnse en Bangladeshi militairen zitten er weliswaar redelijk ontspannen bij, maar zijn wel fors bewapend.

Kass ligt op een kruispunt van wegen, niet ver van het berggebied Jebel Marra waar rebellen zich schuilhouden. In totaal wonen er 165.000 mensen, van wie er 78.000 ontheemd zijn. Anders dan in andere gebieden wonen de vluchtelingen (IDPs) niet in aparte kampen, maar in eigen wijken midden tussen de andere bewoners. Over het algemeen hebben zij een goede relatie met elkaar. Sommigen ontheemden wonen er al heel lang, wel meer dan tien jaar. In een groepsgesprek bedanken zij mij,‘Bieter from Holland’ en ‘the Beople from Holland’ voor de steun. Zij zeggen wel terug te willen, maar het nog niet veilig genoeg te vinden. Bovendien is hun land in veel gevallen nu in handen van andere mensen.

Dankzij Nederlandse bijdrage zorgt CARE voor water, gezondheidszorg, en kleine projecten van economische ontwikkeling. Het is een complexe werkomgeving en het wordt voor de internationale organisaties niet altijd even gemakkelijk gemaakt. Tot in detail wil de overheid weten hoe de projecten uitgevoerd worden. Daarbij is de ‘oudere’ groep toe aan economische mogelijkheden en een vorm van wederopbouw. Maar tegelijkertijd blijven de huidige humanitaire noden heel hoog en komen er nog steeds nieuwe ontheemden bij.

We bezoeken het lokale ziekenhuis. Hier ligt de nadruk op zorg voor moeders en kleine kinderen. 50 bevallingen per week vinden er plaats, en er zijn 115 consulten per dag. Vaak komen mensen van heel ver. Enigszins tot mijn verrassing is er ook een kantoortje voor Family Planning. Het plaatselijk hoofd legt mij uit dat het vooral de vrouwen zijn die interesse hebben in geboortebeperking. Met name onder IDPs is anticonceptie nu zeer geaccepteerd. Gezondheidsredenen worden hiervoor opgegeven, maar ook economische. Daarnaast daalt het geboortecijfer, al blijven kinderrijke gezinnen heel normaal.

Terug in Nyala zijn mensen erg verbaasd dat we in KASS zijn geweest. Veel te gevaarlijk voor diplomaten, vinden ze. Toch is het belangrijk om te gaan en oog te blijven houden voor humanitaire noden èn ontwikkeling.  Darfur mag wat minder media-aandacht dan 10 jaar geleden krijgen, de problemen zijn helaas nog lang niet opgelost.

 

Blijf op de hoogte:

  1. Weblogberichten ontvangen via rss

Reacties: