Kaga Bandoro

Weblogbericht | 23-09-2014

Geschreven door Pieter Smidt van Gelder.

Daar gaan we dan. Een beetje eng is het wel. Samen met mijn ambassadeur ben ik op bezoek in de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR). Tot nu toe zijn we in de hoofdstad Bangui gebleven.

Maar na vier dagen gesprekken met de VN, de EU, andere diplomaten en met NGO’s willen we toch ook wel eens het veld in.

VN (OCHA, Office for the Coordination of Humanitarian Affairs) helpt ons: met een piepklein vliegtuigje waar 10 mensen in kunnen vliegen we ’s ochtends in alle vroegte naar het arrière pays, het centraal gelegen Kaga Bandoro om precies te zijn.

Als we na een uur aankomen, worden we opgewacht door de burgemeester, de prefect, en nog meer lokale gezagsdragers. Alhoewel, gezag? Gezag is een groot woord in dit land.

De afwezigheid van de staat in de CAR was altijd al spreekwoordelijk. ‘L’état s’arrête à PK 12’, de buitenwijk van Bangui, zo zeggen de inwoners van de hoofdstad. Een beetje alsof je zou zeggen: bij Amstelveen (of Zoetermeer) stopt de staat.

Maar dat het nog erger kon, bleek begin 2013 toen een bonte verzameling rebellen en huurlingen onder de naam Séléka de macht grepen. Door het hele land hebben zij dood en verderf gezaaid. Toen zij zelf weer verjaagd waren uit Bangui namen zelfverdedigingsgroepen onder de naam anti-Balaka op grote schaal wraak.

De bevolking is bang, zo blijkt in Kaga Bandoro. Ze zitten letterlijk tussen twee vuren. Beide gewapende groepen beschuldigen burgers van steun aan de vijand. En vrouwen en kinderen zijn de eerste slachtoffers.

We spreken met lokale leiders en vertegenwoordigers van religieuze groepen. De meesten voelen niets voor verzoening als niet tegelijkertijd ook alle groepen ontwapend worden. Er is honger en gebrek aan alles.

Franse en Afrikaanse vredessoldaten proberen de situatie onder controle te krijgen. Maar het land is groot (zo groot als Frankrijk en België samen) en heel dun bevolkt (4,5 miljoen inwoners). In Kaga Bandoro en andere plaatsen komt het nog geregeld tot gewelddadigheden tussen Séléka en anti-Balaka. Veel mensen zijn gevlucht en rond het stadje Kaga Bandoro hebben duizenden ontheemden een onderkomen gezocht.  

Toch zijn er lichtpuntjes. Een Marokkaanse vredesmacht biedt iets van soelaas. Een VN-blauwhelmenmacht is onderweg. De Centraal-Afrikaanse Republiek gold lang als een vergeten land, maar de crisis heeft het op de wereldkaart gezet. Uiteindelijk zal de oplossing toch (ook) van de Centraal-Afrikanen zelf moeten komen. Of, zoals een van hen het uitdrukt: "il va falloir désarmer les cœurs et pardonner les frères".

Blijf op de hoogte:

  1. Weblogberichten ontvangen via rss

Reacties: