Dialoog in de Delta

Weblogbericht | 25-06-2014

Geschreven door Maurice Paulussen.

De reis van minister Ploumen naar Nigeria bewees dat het goed mogelijk is om binnen een handelsmissie ruim aandacht te besteden aan politieke dossiers en mensenrechten.

Minister Ploumen. Foto: Marten van Dijl via OneWorld

Daarom begon het driedaagse bezoek van de minister niet in hoofdstad Abuja of economisch centrum Lagos, maar in Port Harcourt, olie-hoofdstad van de Nigerdelta in het zuiden van het land.

Tot een paar jaar terug was de Delta toneel van gewapend conflict en het gebied is nog steeds onveilig (eerder dit jaar werd een aantal Nederlanders ontvoerd): vervoer gaat hier in konvooi met bewapende politie en gepantserde auto’s, de verkeerssituatie is onvoorspelbaar en een logistieke nachtmerrie. Een ministerieel bezoek aan de Delta betekende dan ook een uitdaging van formaat voor de ambassade, maar uiteindelijk viel alles gelukkig op zijn plaats en stond de minister in de modder aan de vervuilde waterkant om naar de persoonlijke verhalen van getroffen dorpelingen te luisteren. 

In de Delta halen Shell (als onderdeel van de Joint Venture SPDC) en andere grote oliemaatschappijen al een halve eeuw olie – naar schatting zo’n twee miljoen vaten per dag - en gas uit de grond. Die operaties leverden een grote bijdrage aan de Nigeriaanse economie, maar zorgden tegelijkertijd voor desastreuze gevolgen voor de lokale bevolking: door het affakkelen van gas en het lekken van olie is de kwaliteit van lucht, water en milieu zo ernstig aangetast dat veel mensen niet langer kunnen leven van landbouw of visserij. Ouders hebben geen geld meer om hun kinderen naar school te sturen, en jongeren zonder toekomstperspectief zoeken toevlucht in sabotage van pijpleidingen, illegale raffinage, en oliediefstal – praktijken die het milieu nog grotere schade toebrengen. De bevolking beschuldigt de overheid ervan het gebied niet te ontwikkelen, waardoor oliemaatschappijen (die naast hun operaties vaak ontwikkelingsprogramma’s uitvoeren) scholen of ziekenhuizen financieren en zo bijna de rol van bestuurder overnemen. Spanning over de verdeling van lokale contracten door de olie-industrie zorgt voor interne verdeeldheid en conflict binnen de dorpsgemeenschappen. Deze ontwikkelingen hebben tot een impasse geleid in de relatie tussen de lokale bevolking en de oliemaatschappijen waardoor de vervuiling niet kon worden aangepakt.

Binnen deze letterlijk explosieve context zet de ambassade zich al een tijd in om dialoog tussen de Nigeriaanse overheid, de oliemaatschappijen, en de bevolking (bij monde van belangenorganisaties en NGOs) te bevorderen om zo een bescheiden bijdrage te leveren aan stabiliteit en gezamenlijke aanpak van het probleem: opruimen van de olievervuiling, voorkomen van verdere lekkages, en sociaaleconomische ontwikkeling. Concreet leidde die inzet tot aanzienlijke steun vanuit het mensenrechtenfonds voor een aantal NGOs dat zich inzet voor milieu- en mensenrechten, en tot het faciliteren van een bemiddelingsproces – gebaseerd op het opbouwen van onderling vertrouwen - tussen SPDC en één van de gemeenschappen in de Delta. Doel van die bemiddeling is om de ontstane impasse te doorbreken en concrete vooruitgang te boeken op het terrein van opruimen van de vervuiling, tegengaan van illegale raffinage, en duurzame economische ontwikkeling van het gebied.

Het bezoek van de minister vormde een belangrijk politiek signaal aan alle betrokken partijen dat Nederland zich zal blijven inspannen om samen met de Nigeriaanse overheid en andere actoren een oplossing te vinden voor de complexe Nigerdelta-problematiek.

Lees meer over de bemiddelende rol van Nederland op de website van de rijksoverheid of via OneWorld

Blijf op de hoogte:

  1. Weblogberichten ontvangen via rss

Reacties: